“Een andere kijk op: Boulevard Bankert 154”

Hogeschool Zeeland (HZ) gaat haar gebouw aan de Boulevard Bankert verkopen. Vanaf 2013 is het gebouw niet meer in gebruik waarvoor het bedoeld was, werkplaats ten behoeve van de maritieme officieren opleiding. Het is vanaf 2014 tot nu gebruikt o.a. voor student companies en studentenhuisvesting. Er is een serieuze poging ondernomen om het gebouw te behouden voor een onderwijsfunctie.

Foto: Oude werkplaatsgebouw  © MultranetMedia

Nostalgie gekoppeld aan de locatie was hiervoor het leidende motief. Dat is niet gelukt. De HZ concentreert zich op twee campussen, het Groenewoud in Middelburg en de Edisonweg in Vlissingen. In die strategie past geen derde locatie en is verkoop het logische gevolg. De HZ streeft daarbij naar een maximale opbrengstwaarde voor de Boulevard om investeringen aan de Edisonweg mede mogelijk te maken. Ik neem aan dat het burgerinitiatief om het pand een monumentenstatus te verlenen een goedbedoelde nostalgische oprisping zal blijken. Het beeld van Prins Hendrik en een vage relatie met de architectuur van de  Amsterdamse School lijken hiervoor onvoldoende basis. Vreemd overigens dat men niet eerder op dat monumenten idee kwam.

Onlangs publiceerde het CBS de monitor Brede-welvaarttrends. In het maatschappelijke debat is het BBP weliswaar nog steeds de dominante economische indicator, maar het brede welvaartsdenken wint gestaag terrein. Brede welvaart gaat om meer dan alleen economie. Plat gezegd om welzijn versus welvaart. Mensen hechten, naast inkomen, ook veel waarde aan andere zaken als gezondheid, wonen, milieu, sociale contacten, etc. Het is dan ook niet verrassend dat deze waarden allemaal genoemd worden in de Visie 2040 die door de gemeente Vlissingen onlangs is gepubliceerd.

Analoog aan deze trend kan dan ook de vraag gesteld worden wat maximale opbrengstwaarde voor het pand Boulevard Bankert 154 voor de HZ zou kunnen zijn. Beperkt zich dat tot de maximale verkoopprijs die de HZ eenmalig uit verkoop aan een projectontwikkelaar kan innen? Die vervolgens ook op zijn of haar beurt gaat voor maximalisatie van de opbrengst van het te ontwikkelen en realiseren onroerend goed. Of is het denkbaar het begrip breder te beschouwen?

Is het denkbaar dat de locatie niet verkocht maar in erfpacht wordt uitgegeven of dat de gemeente, woningbouw-corporatie of stichting deze koopt voor sociaal maatschappelijke doeleinden?  Dat de woningbouwcorporatie in de gelegenheid wordt gesteld om appartementen voor de sociale huur sector te realiseren op deze plek? Dat deze appartementen verhuurd worden aan mensen die tijdelijk hun huis uit moeten omdat hun woningen gerenoveerd worden of gesloopt voor nieuwbouw? Dan kunnen zij ook tenminste een jaar op boulevard wonen. Dan kun je met enige fantasie de locatie als deel van de “commons” beschouwen, het bezit dat ten goede komt aan de gehele gemeenschap. Dan is de impact van een dergelijke locatie breder en van langere duur dan alleen voor het  hier en nu en voor de beleggers in stenen. En dat zijn niet de metselaars!

Frans van Spaandonk
Januari 2022

Reactie schrijven

Commentaren: 1
  • #1

    H Wever (vrijdag, 21 januari 2022 12:03)

    Hallo, maak er appartementen in dat verhuurd zeker en het hoeft niet worden afgebroken
    goede oplossing .